Menu

Valpreventie bij ouderen

Hoge drempels, een losliggend tapijt of bijwerkingen van geneesmiddelen: een valongeluk zit in een klein hoekje. Uit verschillende onderzoeken, uit onder andere Spanje, Nederland, maar ook uit de Verenigde Staten wordt duidelijk dat valpartijen bij 75-plussers steeds vaker voorkomen. Juiste valpreventie voor ouderen is dan ook erg belangrijk.

Wat is valpreventie?

Valpreventie is een verzameling van maatregelen om vallen te voorkomen. De betekenis van valpreventie is dus letterlijk: vallen voorkomen. Omdat er verschillende redenen zijn waarom iemand kan vallen, is valpreventie maatwerk. Dat betekent dat de huisarts of een andere zorgmedewerker goed kijkt naar de situatie van de persoon die eerder gevallen is of meer risico loopt. Valpreventie wordt het meest ingezet om vallen bij ouderen te voorkomen, omdat zij het meeste risico hebben op een valongeluk. De Centers for Disease Control (CDC) stelt dat alleen al in de Verenigde Staten 1 op de 5 valongelukken leidt tot zwaar letsel: botbreuken, hersenschuddingen of andere verwondingen zonder uitzicht op herstel. Die ongelukken zijn verantwoordelijk voor de 3 miljoen ouderen die jaarlijks behandeld worden op de spoeddienst na een val.

Waarom vallen ouderen?

Senioren kunnen door verschillende redenen vallen. Verlies van spierkracht, een verminderde stabiliteit, bijwerkingen van medicijnen en chronische aandoeningen zijn enkele oorzaken. Om de juiste valpreventie interventie (een plan van aanpak om vallen te voorkomen) op te stellen, is het belangrijk dat de persoonlijke redenen duidelijk zijn. Er wordt daarom onderscheid gemaakt tussen persoonsgebonden valrisico en omgevingsgebonden valrisico.

Persoonsgebonden valrisico

Met het persoonsgebonden valrisico worden alle zaken bedoeld die te maken hebben met de persoon zelf. Dat kunnen ziekten zijn, zoals artrose, de ziekte van Parkinson of dementie. Ook een slecht zicht, een verstoord evenwicht en problemen met lopen, verhogen het risico op vallen. Net als slaap- en kalmeringsmiddelen en bepaald gedrag (zoals te snel opstaan en te veel haasten) zijn mogelijke oorzaken voor valongelukken. Ook psychologische klachten kunnen het valrisico verhogen. Meer dan de helft van de ouderen die eerder vielen, ontwikkelden valangst: de angst om opnieuw te vallen, zo stelt Expertisecentrum Valpreventie Vlaanderen (EVV). Juist door bang te zijn voor een val, vallen ouderen sneller.

Omgevingsgebonden valrisico

Onder het omgevingsgebonden valrisico vallen alle zaken die te maken hebben met de inrichting van de woning, het gebruik van hulpmiddelen en de openbare ruimte. Hierbij kan onder andere gedacht worden aan (te hoge) drempels, losliggende tapijtjes of voorwerpen en te gladde schoenzolen. Ook een slecht onderhouden rollator, oneffen bestrating en slechte straatverlichting zijn risico’s.

Rollators zijn hulpmiddelen voor valpreventie bij ouderen.

Het belang van valpreventie

Een mogelijke reden voor de stijging van de valongelukken is de vergrijzing. Een stijgend aantal ouderen zorgt voor een stijgend aantal valongelukken. Opvallend is dat mannen vaker vallen door het verlies van ondersteuning (van bijvoorbeeld een rollator of wandelstok). Vrouwen daarentegen vallen vaker tijdens het wandelen, blijkt uit uitgebreid onderzoek naar valincidenten bij ouderen.

Een val in en rond het huis zorgt bij ouderen vaak voor botbreuken, hersenletsel, kneuzingen en schaafwonden. Dat ouderen sneller botbreuken oplopen, is goed te verklaren. Volgens internationaal onderzoek verliezen 65-plussers jaarlijks zo’n 0,86% tot 1,12% van hun botmassa. Hierdoor worden botten brozer en breken ze sneller. Als het lichaam meer bot afbreekt, noemen we dat osteoporose (letterlijk vertaald: poreus bot). Mensen die aan osteoporose leiden, hebben een nog groter risico op botbreuken.

Richtlijn valpreventie

Om het voor zorgverleners makkelijk te maken om valrisico’s bij 65-plussers te herkennen en te verkleinen, zijn er richtlijnen voor valpreventie ontwikkeld. Zorgverleners gebruiken deze om in te schatten hoe hoog het valrisico is en om te zoeken naar oplossingen. Omdat de risico’s persoonlijk zijn, lopen de oplossingen sterk uit een. Valpreventie bij dementie wordt dan ook anders ingericht dan valpreventie bij de ziekte van Parkinson. De zorgverlener stelt daarom een valpreventie protocol op, waarin op de oudere afgestemde maatregelen en oplossing staan (ook wel valpreventie-interventies genoemd).

Veilige trap

De meeste valongelukken van ouderen vinden in en om het huis plaats. Voor ouderen zijn vooral de trap en de keuken gevaarlijk, zo stelt RoSPA, de organisatie die zich wereldwijd inzet voor ongelukkenpreventie. De trap is de meest gevaarlijke plek in huis door de grote kans op ernstig letsel. Daarom is het belangrijk om ervoor te zorgen dat de trap veilig en goed begaanbaar is. Dat kan door het aanbrengen van antislipstrips of vloerbedekking en het vrijhouden van de trap. Als de trap niet veilig begaanbaar is, door bijvoorbeeld lichamelijke klachten, kan het verstandig zijn om een traplift aan te schaffen.

Mevrouw doet verschillende valpreventie oefeningen, om te leren hoe ze valpartijen moet voorkomen.

Valpreventie oefeningen

Om vallen bij ouderen te voorkomen, is het belangrijk dat 65-plussers voldoende bewegen. Daarom bestaan er verschillende oefeningen die individueel of in groepsverband gevolgd kunnen worden. Veel oefeningen zijn gericht op afzonderlijke lichaamsdelen, zoals de benen, de voeten en enkels en de bekken. Ook bestaan er oefeningen voor het verbeteren van de balans. Bijvoorbeeld:

1. Opstaan uit een stoel

Neem plaats op een stoel. Schuif iets naar voren en zet de voeten stevig op de grond. Duw de zolen van de voeten naar beneden en buig de liezen naar voren. Neem de skihouding (de voeten uit elkaar, de knieën licht gebogen) aan om veilig op te staan.

2. Sterke benen

Neem plaats op een stoel. Strek 1 been vooruit en trek uw tenen naar u toe. Tel tot 8 en laat uw tenen weer ontspannen en terugkeren naar hun oorspronkelijke positie. Doe dit 8 keer en herhaal de oefeningen dan met uw andere been.

Vallen bij ouderen voorkomen

Welke aanpak voor valpreventie het best werkt, hangt dus af van meerdere zaken. Het is belangrijk om eerst te achterhalen waarom iemand valt. Zo kan de oorzaak gericht opgelost worden. Er bestaat daarom ook geen kant-en-klare oplossing voor valongelukken. Samen met een zorgmedewerker, zoals de huisarts of kinesist, kunnen maatregelen voor valpreventie opgesteld worden. Dit kan bestaan uit deelname aan een cursus, een aanpassing van de medicijnen of de aankoop van hulpmiddelen. De juiste combinatie van valpreventie-interventies voorkomt vervelende valongevallen.

Meer over gezondheid

Of ga terug naar het thema: Gezondheid